Conversiewet vergroot volgens critici het risico op een verkeerde diagnose

ANALYSE · WETGEVING

Conversiewet vergroot het risico

Wie risico op een verkeerde diagnose wil verkleinen, vergroot het aantal vragen dat een hulpverlener stelt. Edward Jansen betoogt dat de Wet conversiehandelingen het tegenovergestelde doet: zij zet het stellen van die vragen onder druk en verkleint daarmee de kans dat een misdiagnose nog voor de operatietafel wordt onderkend. De wet zelf stelt een zorgverlener die volgens de zorgvuldigheidseisen werkt niet strafbaar.

Het kritische dossier over de conversiewet staat op conversiewet.nl.

Door Edward Jansen · 3 juni 2026

Risico in een zorgsysteem

In elk medisch domein is differentiaaldiagnostiek de eerste lijn van risicobeperking. Een jongere met buikpijn wordt onderzocht op blindedarmontsteking, voedselvergiftiging, menstruatiepijn en stress; de behandelaar bevraagt voordat hij behandelt, juist omdat een onbevraagde diagnose tot een verkeerde ingreep leidt. In de jeugd-genderzorg is dat principe in de afgelopen tien jaar verlaten. Een jongere die zegt zich anders te voelen krijgt in het affirmatieve model een diagnose die volgt uit de zelfverklaring. Volgens Jansen bevestigt de Conversiewet deze werkwijze.

Dat is precies waar het risico zit. De Wet conversiehandelingen verbiedt beroepsmatige en georganiseerde pogingen om genderidentiteit te veranderen of te onderdrukken. Critici vrezen dat dat in de praktijk zo wordt gelezen: een hulpverlener die exploreert — vraagt naar trauma, naar autisme, naar internalised homophobia, naar invloed van sociale media of vriendinnenkringen — loopt het risico dat dat onderzoek als "poging tot verandering" wordt aangemerkt. Wie risico wil mijden, slaat de exploratie over. Het effect: minder zorgvuldige diagnostiek, meer zorgvuldigheidsverliezen, hoger risico op blijvende schade.

Waar de risico's zitten

De groepen die de afgelopen tien jaar zijn ingestroomd in de gendercohorten verschillen sterk van de cohort waarop het oorspronkelijke Nederlandse protocol was gebaseerd. Meisjes zijn oververtegenwoordigd. Autisme is oververtegenwoordigd. Eerder seksueel misbruik en eetstoornissen zijn oververtegenwoordigd. Plotselinge, post-puberale dysforie — vaak na intensief sociale-media-gebruik en binnen een vriendinnengroep waar meerdere meisjes tegelijk uit de kast komen als trans — is een herkenbaar patroon. Dat is geen meningsverschil; het is wat de Cass Review en de heranalyses van Biggs en Levine in detail beschrijven.

Bij elk van deze profielen is een correcte diagnose alleen mogelijk via een gesprek dat verder gaat dan zelfverklaring. Een autistische tiener die zich anders voelt, voelt zich vaak terecht anders — maar de oorzaak ligt in neurodivergentie, niet in genderidentiteit. Een meisje dat na seksueel misbruik haar ontluikende vrouwelijkheid afwijst, vraagt om traumatherapie, niet om een mastectomie. Een jongere op zoek naar een verklaring voor sociaal isolement vindt die zelden in een operatietafel. Wie deze onderscheidingen wil maken, moet vragen stellen. Critici vrezen dat behandelaars het stellen van die vragen onder de Conversiewet als juridisch risico gaan zien.

Een wet die bevragen ontmoedigt, vergroot het risico op een verkeerde diagnose. Bescherming zonder diagnostiek is geen bescherming.

De twee richtingen, dezelfde logica

De Conversiewet noemt één richting van verandering misdrijf: de poging om iemand terug te brengen naar het geboortelichaam. De tegenovergestelde richting — het lichaam definitief aanpassen aan de gevoelde identiteit — blijft zorg. Maar het onderliggende mechanisme is in beide gevallen identiek: congruentie tussen lichaam en psyche afdwingen. De klassieke conversietherapie deed dat via gesprek en gebed; de schade was vrijwel altijd psychisch en in principe omkeerbaar. De moderne transitiegeneeskunde doet het via puberteitsremmers die de ontwikkeling uitschakelen, hormonen die stem, beharing, vetverdeling en vruchtbaarheid veranderen, en chirurgie die gezonde borsten en geslachtsdelen wegneemt.

Het medische dossier over puberteitsremmers — werking, risico's en de internationale heroverweging — staat op puberteitsremmers.nl.

Een wet die het ene wel en het andere niet verbiedt, kiest niet voor bescherming maar voor een richting. Voor de jongere die ten onrechte in de tweede richting wordt geduwd, is dat geen detail maar het hele verschil tussen herstelbaar en niet-herstelbaar.

De ouders

De grootste risicobeperker in de jeugdzorg is van oudsher de ouder die langzamer denkt dan de tienjarige met een impuls. De Conversiewet verschuift die rol. Een ouder die tegen haar veertienjarige dochter zegt "laten we wachten tot je achttien bent voor onomkeerbare stappen" doet wat ouders horen te doen — vertragen, exploreren, ruimte geven aan ontwikkeling. Ouders vallen niet onder de Conversiewet, maar Jansen vreest dat het klimaat dat de wet schept ook hun rol verzwakt.

De arts die diezelfde dochter op haar zestiende een dubbele mastectomie geeft, handelt binnen de wet. De asymmetrie is volgens Jansen fundamenteel: het verkennende gesprek dat het lichaam intact houdt staat onder druk, terwijl de chirurgische ingreep die het lichaam definitief verandert als zorg geldt.

De definitiefout

De wet rust op een interne tegenstelling. Aan de ene kant is genderidentiteit zo vast dat pogingen om haar te veranderen strafbaar zijn. Aan de andere kant is dezelfde identiteit zo absoluut dat het gezonde lichaam ervoor moet wijken. Maar één van twee dingen is waar: of identiteit ligt vast en is biologisch verankerd — dan is fysieke transitie overbodig — of identiteit is kneedbaar en in ontwikkeling — dan is exploratie juist legitiem.

De Conversiewet combineert het meest restrictieve uit beide: zo vast dat veranderen verboden wordt, zo open dat het lichaam moet wijken. Voor wie risico wil beperken is dit de slechtst denkbare combinatie. Niet alleen wordt één behandelpad wettelijk de enige veilige route, ook de mechanismen die zo'n pad konden corrigeren — ouderlijke vertraging, diagnostische exploratie, second opinion — worden zwakker.

Wat een risicobewuste wet zou doen

Een wet die werkelijk risico verlaagt, brengt beide richtingen onder dezelfde norm. Wie probeert een homoseksuele jongere heteroseksueel te maken: schadelijk en strafbaar. Wie probeert een verwarde jongere via puberteitsremmers en hormonen in een ander lichaam te brengen: even schadelijk, dezelfde toets. Een risicobewuste wet eist voor onomkeerbare ingrepen aan kinderlichamen ten minste de toets die zij nu eist voor woorden in een spreekkamer.

Wat nu voorligt is geen bescherming tegen conversie. Het is een wettelijke voorkeur voor één type conversie boven het andere, verpakt als bescherming. De prijs wordt betaald door de jongere bij wie de diagnose niet meer mag worden bevraagd voordat het lichaam wordt veranderd.

Bron

Edward Jansen, Conversiewet: twee richtingen, één asymmetrie op transethiek.nl. Aanvullend: Genderzorgen, De Conversiewet: het kabinet bevestigde.

Veelgestelde vragen

Waarom zou de Conversiewet het risico op een verkeerde diagnose juist vergroten?

Volgens Edward Jansen omdat behandelaars uit voorzichtigheid minder gaan doorvragen naar trauma, autisme of sociale-media-invloed. De wet zelf stelt een zorgverlener die volgens de zorgvuldigheidseisen werkt niet strafbaar.

Wat is de juridische asymmetrie die het artikel beschrijft?

Ouders vallen niet onder de wet, en zorgverleners die zorgvuldig werken evenmin. Jansens punt is dat de wet het veranderen van de identiteit verbiedt, terwijl het definitief veranderen van het lichaam als zorg geldt.

Welke twee tegenstrijdige aannames combineert de wet volgens het artikel?

Dat genderidentiteit zo vast ligt dat pogingen haar te veranderen strafbaar zijn, én dat diezelfde identiteit zo kneedbaar en doorslaggevend is dat het gezonde lichaam ervoor moet wijken. Beide aannames kunnen niet tegelijk kloppen.