Hormoontherapie / Trombose
Oestrogeen en veneuze trombo-embolie
Oestrogeentherapie bij transvrouwen verhoogt het risico op diepveneuze trombose en longembolie. De relatieve risico's lopen op tot bijna zesvoudig vergeleken met cismannen, met cumulatieve incidentie boven 5% na acht jaar.
Hazard ratio VTE
5,5
Getahun 2018 vs cisman
Incidentie 8 jaar
5,1%
Wiepjes 2018, Amsterdam
Achtergrond bevolking
0,7-1,8%
levenslange incidentie
Cohortdata
De Kaiser Permanente-studie van Getahun et al. (Annals of Internal Medicine, 2018, n=2.842 transvrouwen, mediane follow-up 4,0 jaar) rapporteerde een hazard ratio voor VTE van 5,5 (95% BI 4,0-7,5) ten opzichte van cismannen en 4,1 (95% BI 3,0-5,6) ten opzichte van ciswomen. Het absolute extra risico per 1.000 persoonsjaren bedroeg 2 ten opzichte van cismannen na twee jaar therapie en 6 na acht jaar.
De Amsterdamse ACOG-cohort (Wiepjes et al., Journal of Sexual Medicine, 2018, n=2.517) toonde een cumulatieve VTE-incidentie van 5,1% na acht jaar oestrogeenbehandeling. De mediane tijd tot eerste event was 2,3 jaar.
| Studie | n | Follow-up | HR vs cisman | Absoluut risico |
|---|---|---|---|---|
| Getahun 2018 | 2.842 | 4,0 jaar mediaan | 5,5 (4,0-7,5) | +6/1.000 pj na 8 jaar |
| Wiepjes 2018 | 2.517 | tot 8 jaar | n.v.t. | 5,1% cumulatief |
| Asscheman 2014 | 966 | 18,5 jaar | 20× (orale EE) | 6,2% cumulatief |
Oraal versus transdermaal
Orale ethinylestradiol kent het hoogste protrombotische profiel door first-pass leverpassage en sterke inductie van stollingsfactoren. Asscheman et al. (European Journal of Endocrinology, 2014) zagen onder orale EE een twintigvoudig verhoogde VTE-incidentie; deze formulering wordt sinds 2000 in Nederland niet meer voorgeschreven. Transdermaal estradiol heeft een aanzienlijk lagere impact op leverstollingsfactoren. Een meta-analyse van Iwamoto et al. (Endocrine Reviews, 2024) bevestigt dat transdermale toediening de voorkeur verdient bij verhoogd basaal trombose-risico.
Risicofactoren
- Leeftijd bij start >40 jaar: HR 2,3 (Getahun 2018)
- BMI >30: incidentie verdubbeld in Amsterdam-cohort
- Roken: synergistisch effect, met name in eerste twee jaar
- Erfelijke trombofilie (factor V Leiden, protrombine 20210A): screening overwogen bij familieanamnese
- Postoperatieve periode: piek in eerste 90 dagen na vaginoplastiek
Klinische implicaties
"The risk of venous thromboembolism among transfeminine persons receiving estrogen was substantially higher than among reference cisgender males and females."
De Endocrine Society Clinical Practice Guideline (Hembree et al., 2017, JCEM) adviseert transdermale toediening boven 40 jaar of bij comorbiditeit, en perioperatieve onderbreking conform chirurgische richtlijn. Er bestaat geen consensus over routinematige trombofilie-screening; de praktijk varieert per kliniek.
Zie ook
Bronnen
- Getahun D et al. Cross-sex hormones and acute cardiovascular events in transgender persons. Annals of Internal Medicine 2018;169(4):205-213. DOI: 10.7326/M17-2785
- Wiepjes CM et al. The Amsterdam Cohort of Gender Dysphoria Study (1972-2015). Journal of Sexual Medicine 2018;15(4):582-590. DOI: 10.1016/j.jsxm.2018.01.016
- Asscheman H et al. Venous thrombo-embolism as a complication of cross-sex hormone treatment of male-to-female transsexual subjects. Andrologia 2014;46(7):791-795. DOI: 10.1111/and.12150
- Hembree WC et al. Endocrine Treatment of Gender-Dysphoric/Gender-Incongruent Persons: An Endocrine Society Clinical Practice Guideline. JCEM 2017;102(11):3869-3903. DOI: 10.1210/jc.2017-01658
- Iwamoto SJ et al. Health considerations for transgender women. Endocrine Reviews 2024;45(1):1-25. DOI: 10.1210/endrev/bnad022
- statsforgender.org — VTE-overzicht